16

3 Makkelijk gemaakte fouten bij je BTW-aangifte

3 Makkelijk gemaakte fouten bij je BTW-aangifte (1)

Het 2e kwartaal van 2017 is afgelopen, dus deze maand is het weer zo ver.
We mogen fijn BTW-aangifte doen.

Ik heb over deze steeds terugkerende activiteit al meer blogs geschreven.
Die kun je via deze link nog ‘ns op je gemak nalezen.

In dit blog wil ik het met je hebben over 3 regelmatig voorkomende uitgaven en inkomsten.
En hoe je kunt voorkomen dat je daarmee de fout in gaat bij het doen van je BTW-aangifte.

#1 – BTW aftrekken over zakenlunches/-borrels/-diners

Veel horecagelegenheden geven bonnetjes af waarop de BTW netjes uitgesplitst is.
Daardoor zou je zomaar kunnen denken dat je de BTW op die bonnetjes kunt terugvragen.

HELAAS!

Over eten en drinken dat jij gebruikt in een horecagelegenheid, is de BTW NIET terugvraagbaar.
Sterker nog: je mag niet eens 100% van het totaalbedrag opvoeren als kosten!

3 Makkelijk gemaakte fouten bij je BTW-aangifte (2)Sinds dit jaar (2017) mag dat voor 80%.
De resterende 20% is ‘eigen gebruik’ en komt dus regelrecht uit je eigen portemonnee.
Fijn om te weten voor de volgende keer dat je een zakenrelatie uitnodigt voor de lunch. 😉

Waarom die BTW dan toch uitgesplitst staat op je bonnetje?
Voornamelijk omdat dat handig is voor de administratie van de horecagelegenheid.

(Tot en met 2016 mocht je 73,5% van het totaalbedrag opvoeren als kosten.)

#2 – Buitenlandse BTW (VAT) aftrekken

Nog zo’n instinkertje, dat met al onze internetaankopen steeds vaker voorkomt: een zakelijke bon/factuur uit een ander EU-land met bijvoorbeeld 21% VAT.
Je zou je zomaar kunnen vergissen en dat bedrag opvoeren bij de terug te vragen BTW.

Als je dat doet, doe je het toch echt verkeerd: VAT is geen BTW.
En mag je dus ook niet als BTW behandelen.

Maar wat doe je dan wel??

Voorkom dat je een factuur krijgt met VAT

Als je vóór je aankoop je Nederlandse BTW-nummer opgeeft aan de buitenlandse EU-ondernemer, mag hij/zij je een factuur zonder VAT geven.
Daarop moet dan wel jouw Nederlandse BTW-nummer staan en iets als “BTW verlegd” (maar dan in de taal van dat land, natuurlijk).

Dit werkt andersom natuurlijk net zo. Dus als jij een zakelijke dienst of een zakelijk product levert aan een andere EU-ondernemer. Hoe je dat op je factuur vermeldt en waar je het BTW-identificatienummer van de andere EU-ondernemer checkt (!), lees je in dit blog.

Vervolgens vul je op je aangifte 2x het fictieve BTW bedrag in ‘alsof het Nederlandse BTW zou zijn’ (vaak 21%):
• Bij Leveringen/diensten uit landen binnen de EU (4b)
EN
• Bij Voorbelasting (5b)

Per saldo hoef je dus niks af te dragen, maar heb je het op de goeie manier netjes aangegeven.

Je hebt al een factuur met VAT gekregen en betaald

In uitzonderlijke gevallen kun je om een gecorrigeerde factuur en bijbehorende terugbetaling vragen. Maar vaker heb je het er maar mee te doen.

Je betaalt helaas iets meer dan in het geval van verlegde BTW, maar toch helpt de Belastingdienst je nog een klein beetje mee.
Je mag namelijk het totaalbedrag – dus inclusief VAT – opvoeren als kosten.
3 Makkelijk gemaakte fouten bij je BTW-aangifte (3).jpg

Je hebt al een factuur ontvangen en betaald met een bedrag aan VAT dat groter is dan het drempelbedrag

Afhankelijk van het tijdstip waarop je die VAT wilt terugvragen, geldt een drempelbedrag van € 400 of van € 50.
Als het VAT-bedrag op jouw factuur (facturen) hoger is, kun je het terugvragen in het EU-land waar je de aankoop hebt gedaan.

Dat klinkt makkelijker dan het is, dus voor dit blog volsta ik met de link naar de informatie op de site van de Belastingdienst en een bemoedigend “succes!”

#3 – Geen BTW in rekening brengen

Laatst zag ik deze vraag (weer) in een Facebookgroep terugkomen:
“Mijn klant wil graag een factuur zonder BTW, want zij zijn niet-BTW-plichtig – hoe doe ik dat?”

Het antwoord op die vraag is heel simpel: NIET zondermeer.

Voor jouw factuur is het namelijk totaal niet van belang of jouw klant al dan niet BTW-plichtig is.
Het gaat erom of jij dat bent.
En of de dienst en/of het product dat jij levert een uitzondering is op de hoofdregel.

Ben jij BTW-plichtig en valt jouw dienst of product onder geen enkele uitzonderingsregel?
Dan bereken je over alles wat je factureert 21% BTW.

Heb je per ongeluk toch één van deze makkelijk te maken foutjes in je aangifte over het vorige kwartaal gemaakt?
Geen nood:  je mag ‘m gewoon in dit kwartaal corrigeren.
Tenminste, als het bedrag waar het om gaat niet groter is dan € 1.000.

Succes met het doen van je BTW-aangifte!

Doe jij je BTW-aangiftes zelf of laat jij ze voor je doen? Wat is de reden van die keus?
Ik ben heel benieuwd naar je reactie. 🙂

Ken jij andere ZZP’ers voor wie dit artikel interessant is? Deel het dan met ze via één van de opties hieronder.

Click Here to Leave a Comment Below 16 comments